In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Moge de genade en de vrede van God onze Vader en de Heer Jezus Christus bij u allen zijn.
Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons. Heer, ontferm U over ons.
Er is een beeld dat vandaag, in de stille herfstzon die door het venster valt, als een baken door mijn gedachten gaat. Het is de herinnering aan Benjamin Vo, zittend aan de keukentafel, verdiept in de complexe wereld van zijn eigen code. Hij kijkt op, zijn ogen lichten op, en hij begint met die aanstekelijke giechel te vertellen over zijn plannen voor 'Con Chim Airlines'. Het was een droom die groter was dan de luchtvaart alleen; het was een uitdrukking van een geest die altijd vooruit keek, altijd zocht naar nieuwe horizonten, altijd wilde vliegen. Hij zat daar, in zijn vertrouwde omgeving, en deelde zijn passie met een gulheid die alleen een jongen van zijn kaliber kon opbrengen. Die glimlach, die fonkeling in zijn ogen wanneer hij sprak over de toekomst, dat is het beeld dat we vandaag in ons hart meedragen.
In de eerste lezing van vandaag horen we de apostel Paulus spreken over zijn eigen verleden. Hij vertelt hoe hij de Kerk vervolgde, hoe hij vastzat in zijn eigen ijver, totdat God hem in de schoot van zijn moeder al afzonderde om hem te roepen. Paulus herinnert ons eraan dat onze wegen niet altijd de wegen zijn die wij zelf uitstippelen. Hij spreekt over de genade die hem opzocht, zelfs toen hij het niet verwachtte. 'Toen het God behaagde zijn Zoon aan mij te openbaren', schrijft hij. Dat is het kantelpunt in elk mensenleven: het moment waarop de sluier even oplicht en we zien dat we niet zomaar toevalligheden zijn, maar geliefde schepselen, gevormd door de hand van de Schepper.
Ik weet dat voor u, Alan en Thao, en voor jou, Ryan, de wereld er sinds die dertiende juni 2026 fundamenteel anders uitziet. Het is drie maanden geleden. De stilte in huis is soms een zware gast, en de leegte aan de tafel is een realiteit die niet in woorden te vangen is. Soms, in de stille uren van de nacht, kan er een stem in u opkomen die fluistert: heb ik iets gemist? Had ik het anders moeten doen? Ik wil vandaag, in alle tederheid en in Gods heilige naam, die steen van uw hart tillen. Ziekte is nooit een straf en nooit het falen van degenen die met heel hun hart hebben liefgehad. U bent geen falende wachters; u bent de ouders die Ben hebben omringd met een toewijding die hem tot het einde toe heeft gedragen. U hebt niets gemist. God ziet die liefde, en Hij houdt van u met een tederheid die al uw vragen overstijgt. Laat die schuld los. God zendt geen ziekte; Hij vangt degenen op die door de storm van het lijden worden getroffen. U bent niet verantwoordelijk voor de wendingen van het lot die buiten menselijke macht liggen. Sommige dingen in dit leven komen voort uit een mysterie dat wij niet kunnen bevatten, en geen enkel menselijk handelen had de loop van de tijd kunnen veranderen. U bent absoluut vrij van die last. U bent de ouders die hem de wereld hebben laten zien, en die liefde is in de eeuwigheid verankerd.
Kijk nu naar het Evangelie. Jezus komt aan in een dorp. Martha is druk, ze is bezorgd, ze is 'beladen met veel bediening'. Ze wil het goed doen, ze wil zorgen, ze wil dat alles perfect is. En dan is er Maria, die aan de voeten van de Heer zit en luistert. Jezus zegt niet dat Martha's werk er niet toe doet. Hij zegt dat ze 'beangstigd en bezorgd is over vele dingen'. Hij wijst haar op de 'ene noodzakelijke zaak'. Wat is die ene zaak? Het is de nabijheid van God zelf. Het is de bereidheid om te stoppen met rennen, te stoppen met het proberen te beheersen van de uitkomst, en simpelweg te rusten in de aanwezigheid van de Heer.
Benjamin was een jongen die hard werkte. Hij was een jongen die droomde, die codeerde, die badminton speelde met alles wat hij in zich had. Maar in zijn diepste kern was hij die jongen die aan de voeten van de Heer zat. Hij was de jongen die, toen zijn oom William ziek was, bereid was zijn hele spaarpot aan te bieden. Hij hoefde die spaarpot niet te breken, hij hoefde hem niet te legen; het was het aanbod zelf, de onvoorwaardelijke liefde van zijn hart, die de kern van zijn ziel blootlegde. Dat is de 'betere deel' waar Jezus over spreekt. Dat is wat niet van ons kan worden afgenomen. De prestaties, de wiskundige formules, de plannen voor 'Con Chim Airlines' – dat alles was prachtig, maar het was de liefde van zijn hart, de tederheid van zijn ziel, die de eeuwigheid in is gegaan.
Denk aan de droom van zijn vader, de nacht waarin hij Ben zag, gezond, in zijn groene short, terwijl hij zei: 'Ba ơi, test nào con cũng qua hết' – 'Papa, ik ben voor alle tests geslaagd.' En hij was! Hij is geslaagd voor de test van de liefde. Wanneer hij zei dat hij over zijn ouders zou waken, was dat geen loze belofte. Hij is nu de engel die waakt over jullie gezin. Ryan, jouw broer is niet weg. De band tussen jullie is zo diep dat de dood er geen vat op heeft. Wanneer je in de toekomst naar de vliegtuigen kijkt, naar de 'con chim' die door de lucht klieven, weet dan dat hij met je meevliegt. Hij wil dat jij leeft, dat jij droomt, dat jij de wereld verkent met diezelfde nieuwsgierigheid die jullie samen deelden. Hij is jouw voorspreker bij de Heer.
Soms vragen mensen zich af: hoe moeten we verder? Hoe kunnen we de ochtend tegemoet treden als het verdriet ons nog steeds overvalt? Het antwoord ligt in de eenvoud van het Evangelie. Jezus zegt: 'Er is maar één ding nodig.' Dat ene ding is niet een antwoord op al onze vragen. Het is niet het begrijpen van het mysterie van het lijden. Het is het besef dat we bemind worden. Dat we, net als Maria, aan de voeten van de Heer mogen zitten, zelfs in onze pijn, zelfs in onze leegte. Hij is daar. Hij luistert. Hij kent de naam van Benjamin, en Hij kent de namen van u allen. Hij kent de tranen die u in het geheim laat, en Hij verzamelt ze als kostbare parels.
Benjamin was een jongen die de wereld wilde ontdekken. Hij reisde, hij zag, hij verwonderde zich. Nu is hij op de grootste reis van allemaal. Hij is in de 'Banquet of Heaven', waar hij de Heer van aangezicht tot aangezicht ziet. Hij is de jongen die nu de logica van de hemel begrijpt, een logica die niet gebaseerd is op wiskunde, maar op de oneindige barmhartigheid van God. Hij is niet verloren; hij is thuisgekomen. En in dat thuis is er plaats voor u allemaal. Blijf leven, blijf hopen, en blijf beminnen. Want dat is het enige dat blijft. Dat is het enige dat telt. Amen.
For the intentions entrusted to Ben on our prayer wall:
At the Savior’s command and formed by divine teaching, we dare to say:
Onze Vader, die in de hemel zijt, uw naam worde geheiligd, uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren, en breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade. Amen.
Moge de Heer ons zegenen, ons beschermen tegen alle kwaad en ons geleiden naar het eeuwig leven. Amen.
✝ Zegen u almachtige God: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.