In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Moge de genade en de vrede van God, onze Vader, en de Heer Jezus Christus met u allen zijn.
Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons. Heer, ontferm U over ons.
Er is een beeld dat mij vandaag niet loslaat, een beeld dat zo simpel is en toch spreekt van een enorme innerlijke kracht. Denk aan een jongen van vijftien jaar, Benjamin Vo, die met een briljante geest de wereld van de technologie en de luchtvaart verkende. Hij was een jongen die niet alleen naar de lucht keek om vliegtuigen te spotten, maar die met zijn vader droomde van een eigen luchtvaartmaatschappij, 'con chim airlines'. Hij was iemand die met een natuurlijke gave voor wiskunde en logica de wereld wilde begrijpen, maar die tegelijkertijd een hart had dat zo zacht was dat het soms bijna uit zijn borst leek te willen springen. Denk aan dat moment waarop hij, nog maar twaalf jaar oud, bij de veertigste verjaardag van zijn vader in tranen uitbarstte, niet uit verdriet om zichzelf, maar uit een diepe, premature empathie voor het leven van degene die hij het liefste zag. Dat was de ziel van Benjamin: een mix van een scherpe, moderne intelligentie en een kinderlijke, onbaatzuchtige liefde.
Nu, vier maanden na zijn heengaan, staan we hier. De stilte in huis is soms zo tastbaar dat ze bijna als een fysieke last op de schouders drukt. Voor Alan en Thao, voor Ryan, is het leven na 13 juni 2026 een weg geworden die niemand van tevoren had kunnen uittekenen. En in die stilte, in de momenten dat de herinnering aan zijn glimlach of zijn giechelen over de gekke dingen die hij bedacht je overvalt, kan er een stem in je opkomen die vraagt: 'Waarom? Hebben we iets gemist? Hadden we meer moeten doen?' Vandaag wil ik, in de naam van de Heer, die steen van schuld van jullie schouders tillen. Ziekte is nooit een straf en nooit het falen van de ouders. Jullie hebben Benjamin niet alleen liefgehad met een menselijke liefde, maar met een toewijding die hem tot de drempel van de eeuwigheid heeft gedragen. God beschuldigt jullie niet, en Hij vraagt dat jullie jezelf ook niet beschuldigen. Sommige beproevingen in dit leven zijn als een storm die uit het niets opsteekt; ze vallen buiten elk menselijk bereik. Laat die schuld los. Jullie waren de trouwe wachters, de liefhebbende ouders die hem de wereld hebben laten zien. Niets van die liefde is verloren gegaan.
Kijk naar het Evangelie van vandaag. Jezus gaat op de sabbat eten in het huis van een vooraanstaand Farizeeër. Er is daar een man die lijdt aan waterzucht. De mensen observeren Jezus nauwgezet; ze wachten af of Hij de regels zal overtreden door op de sabbat te genezen. De stilte in die ruimte is geladen met oordeel en verwachting. Maar Jezus kijkt niet naar de regels; Hij kijkt naar de man. Hij stelt een vraag die de harten van de aanwezigen moet raken: 'Is het geoorloofd op sabbat te genezen of niet?' En wanneer ze zwijgen, neemt Hij de man, geneest hem en laat hem gaan. Dan stelt Hij de vraag die ook vandaag nog in onze harten resoneert: 'Wie van u, als zijn zoon of zijn os in een put valt, zou hem er niet onmiddellijk uittrekken op de sabbatdag?'
Deze vraag van Jezus is niet zomaar een retorische vraag. Het is een venster op het hart van God. Jezus laat zien dat de wet van de liefde altijd zwaarder weegt dan de wet van de letter. God is geen wetgever die toekijkt hoe wij lijden; Hij is de Vader die alles in het werk stelt om zijn kinderen uit de put te trekken. Benjamin kende die liefde. Hij begreep dat liefde niet gaat over wat je bezit, maar over wat je bereid bent te geven. Denk aan dat moment waarop hij zijn ouders vertelde dat hij zijn hele spaarpot wilde inleveren om zijn oom William te helpen na diens beroertes. Hij hoefde die spaarpot niet te legen; de hulp was er al, het was niet nodig, en de pot bleef gesloten op de plank. Maar het aanbod zelf was de waarheid van zijn ziel. Hij was een jongen die bereid was alles wat hij had, weg te geven uit pure barmhartigheid. Dat is de 'gist' waar we eerder over spraken: een liefde die zo diep is, dat ze zelfs de dood overstijgt.
Soms, in de dromen die een vader heeft, horen we de echo van een ziel die al vrij is. Zoals die droom waarin Benjamin, gezond en sterk, tegen je zei: 'Ba ơi, test nào con cũng qua hết. Con tự thở được bình thường mà… sao con lại bị như vầy?' – en waarin de troost volgde: 'Không sao đâu, con sẽ dõi theo ba mẹ.' Die dromen zijn geen toeval. Het zijn flitsen van de werkelijkheid die wij nog niet kunnen zien, maar die wel bestaat. Hij kijkt naar jullie, hij kijkt naar Ryan, en hij vraagt jullie om te blijven leven, om de dromen die jullie samen hadden, mee te nemen in de toekomst. Hij is niet weg; hij is de gist in jullie deeg geworden. Hij is de kracht die jullie helpt om elke dag weer op te staan.
Ryan, mijn jongen, kijk eens naar de lucht. Als je een vliegtuig ziet, weet dan dat Benjamin met je meekijkt. Hij is trots op je. Hij wil dat jij leeft, dat je leert, dat je de wereld ontdekt met dezelfde nieuwsgierigheid die jullie deelden. Wees niet bang om te lachen om de herinneringen aan zijn grappige kant, zijn 'con chim airlines', zijn giechelen wanneer hij iets geks deed. Die vreugde is heilig. Het is het bewijs dat de dood niet het laatste woord heeft.
Wat is dan de uitnodiging voor vandaag? Het is om niet te proberen het grote mysterie in één keer te begrijpen. Het koninkrijk van God groeit in het verborgene. Het groeit in de kleine daden van liefde die jullie in zijn naam doen – de stille hulp aan de armen, het water dat stroomt in de 'Well of Love' in Vietnam, de zorg voor de mensen die het moeilijk hebben. Dat is de manier waarop Ben blijft leven. Dat is hoe de liefde werkt. Elke keer dat jullie iemand anders helpen, elke keer dat jullie elkaar in het gezin met tederheid benaderen, elke keer dat jullie de herinnering aan hem delen zonder dat de schuldvraag de overhand krijgt, groeit het koninkrijk. Jullie zijn niet alleen. Onze Lieve Vrouw, die zelf haar Zoon heeft losgelaten, kent de diepte van jullie hart. Zij staat bij jullie, ze houdt jullie hand vast, ze droogt de tranen die in de stilte vallen.
Neem vandaag dit mee naar huis: je hoeft het verdriet niet alleen te dragen. Laat de liefde van Gods vleugels zijn werk doen in de massa van je eigen hart. Het hoeft niet vandaag opgelost te zijn. Het hoeft niet vandaag 'klaar' te zijn. God heeft tijd. Hij is de Rots waarop jullie leven gebouwd is. Vertrouw op Hem. Vertrouw op de liefde die jullie voor Ben hebben, want die liefde is van God. En in die liefde zijn jullie voor altijd verbonden, tot de dag dat de vlucht eindigt en we elkaar allemaal terugzien in het huis van de Vader. Amen.
For the intentions entrusted to Ben on our prayer wall:
At the Savior’s command and formed by divine teaching, we dare to say:
Onze Vader, die in de hemel zijt, uw naam worde geheiligd, uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren, en breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade. Amen.
Moge de zegen van de almachtige God, Vader, Zoon en Heilige Geest, over u neerdalen en bij u blijven, vandaag en alle dagen van uw leven. Ga in vrede.
✝ Zegen u almachtige God: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.