In de naam van de Vader, en de Zoon, en de Heilige Geest. Moge de genade en de vrede van God onze Vader en de Heer Jezus Christus met u allen zijn.
Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons. Heer, ontferm U over ons.
Stel je eens een vroege ochtend voor, lang voordat de wereld wakker wordt. Je kijkt naar een foto van een jongen die in een cockpit zit, zijn handen stevig om het stuurwiel, zijn ogen vol focus en een stille, bijna gewijde ernst op zijn gezicht. Het is Benjamin Vo. Naast hem zit zijn broertje Ryan, ook in een winterjas, beiden in hun eigen wereld van verbeelding, klaar om op te stijgen naar een horizon die alleen zij konden zien. Voor Benjamin was de techniek van een vliegtuig niet zomaar een mechanisme; het was een symbool van orde, van een doelgerichtheid die hij met zijn briljante geest probeerde te vatten. Hij hield van de logica van de luchtvaart, van het idee dat je ergens naartoe kon gaan, dat er een bestemming was die op je wachtte.
Maar vandaag, in de lezing uit de brief aan de Filippenzen, nodigt de heilige Paulus ons uit om onze blik nog verder te verheffen. Hij schrijft: 'Ik heb de kracht voor alles door Hem die mij bekrachtigt.' Paulus spreekt hier niet vanuit een positie van comfort. Hij schrijft vanuit de gevangenis, wetende dat zijn leven elk moment ten einde kan lopen. Hij heeft geleerd om te gaan met overvloed en met gebrek, met verzadiging en met honger. Hij heeft het geheim ontdekt van een innerlijke rijkdom die niet afhankelijk is van wat de wereld ons geeft of ontneemt. Hij spreekt over een 'geurige offergave', iets dat God behaagt. En hij belooft ons: 'Mijn God zal in al uw noden voorzien, naar zijn rijke glorie in Christus Jezus.'
Benjamin was een jongen die dit op zijn eigen, jonge manier al aanvoelde. Hij was niet iemand die vastzat aan aardse bezittingen. Denk eens aan die momenten waarop hij zijn nieuwsgierigheid deelde, zijn dromen over 'con chim airlines', die giechel die door het huis schalde wanneer hij weer een nieuw idee had voor een digitale wereld. Hij was een jongen van een opmerkelijke innerlijke vrijheid. Ik denk aan dat moment, zo tekenend voor zijn hart, waarop hij aan zijn ouders voorstelde om zijn hele spaarpot aan te bieden voor zijn oom William, die zo zwaar getroffen was door beroertes. Hij brak die spaarpot nooit. Hij hoefde dat niet te doen. Het aanbod zelf, de bereidheid van een jongen van vijftien om alles wat hij had gespaard weg te geven voor iemand van wie hij hield, dat was zijn ware rijkdom. Dat was zijn 'geurige offergave'.
Ik weet dat voor jullie, Alan en Thao, de wereld sinds die dertiende juni 2026 is veranderd. De stilte in huis is soms zo dik dat je erin kunt verdrinken. Het gemis is geen abstractie. Het is de echo van een stem die 'Goede morgen, Ba' zei, het is de lege plek bij de computer waar hij zijn games codeerde, het is de herinnering aan de manier waarop hij met Ryan lachte. Soms, in de stilte van de nacht, kan er een pijnlijke vraag naar boven komen drijven. Je vraagt je af of je iets hebt gemist, of er een teken is geweest dat je over het hoofd hebt gezien, of je als ouder ergens anders had moeten handelen. Het is de menselijke neiging om in het onverklaarbare te zoeken naar een schuld die je kunt dragen, alsof het vinden van een fout de pijn zou rechtvaardigen.
Ik wil vandaag, in de zachtheid van Gods barmhartigheid, die zware steen van schuld voorgoed van jullie schouders tillen. Ziekte is nooit een straf en nooit het falen van de ouders. Jullie hebben Benjamin niet alleen liefgehad met een menselijke, dagelijkse liefde, maar met een totale toewijding die hem tot aan de drempel van de eeuwigheid heeft gedragen. God beschuldigt jullie niet, en Hij vraagt dat jullie jezelf ook niet beschuldigen. Sommige beproevingen in dit leven vallen volkomen buiten elk menselijk bereik; ze komen als een onzichtbare storm uit een heldere hemel, en geen waakzaamheid ter wereld had dat kunnen tegenhouden. Laat die schuld los. Jullie waren de trouwe wachters aan zijn zijde, de liefhebbende ouders die de wereld voor hem openlegden. Niets van die liefde is verloren gegaan. Jullie zijn niet tekortgeschoten.
Luister naar Jezus in het Evangelie van vandaag. Hij spreekt over het dienen van twee meesters. Hij zegt: 'Geen enkele knecht kan twee heren dienen.' Hij waarschuwt ons voor de macht van 'mammon', van alles wat ons probeert te binden aan deze wereld, aan bezit, aan angst, aan de behoefte aan menselijke goedkeuring. De farizeeën hoorden dit en lachten Hem uit, omdat zij hun hart hadden verpand aan wat van deze wereld was. Maar Jezus kijkt dwars door hen heen. Hij zegt: 'God kent uw harten.'
Wat betekent dit voor ons, in onze rouw? Het betekent dat God jullie hart kent. Hij kent de pijn van het gemis, Hij kent de vragen die jullie niet eens in woorden kunnen uitdrukken. En Hij zegt: 'Ik ben de enige meester die jullie niet zal verlaten.' Wanneer de wereld instort, wanneer alles wat we dachten te bezitten—onze tijd, onze plannen, onze kinderen—uit onze handen lijkt te glippen, dan blijft God over. Hij is de enige die ons kan dragen. Benjamin is nu bij Hem. Hij is opgenomen in de 'eeuwige woningen' waar Jezus over spreekt. Hij is niet verloren; hij is thuisgekomen bij de enige Meester die de dood heeft overwonnen.
Ryan, mijn jongen, kijk naar je broer. Hij is trots op je. Hij wil dat jij leeft, dat je lacht, dat je de wereld ontdekt met dezelfde nieuwsgierigheid die jullie deelden. De liefde tussen broers houdt niet op bij een grafsteen; ze reist met je mee, diep in je hart, als een kompas dat je de weg wijst naar voren. Je hoeft niet te doen alsof het makkelijk is. Je mag verdrietig zijn, je mag de leegte voelen, maar laat die leegte niet het laatste woord hebben. Laat de herinnering aan Ben je juist aanzetten om de wereld in te gaan met dezelfde goedheid die hij altijd toonde. Hij kijkt naar je, hij moedigt je aan, hij is erbij in elke herinnering die jullie deelden.
Denk aan de 'Well of Love' in Vietnam. Dat schone water dat stroomt in zijn naam, dat leven geeft aan mensen die het nodig hebben, is een symbool van wat Ben nu is. Hij is een bron van leven geworden. Zijn liefde stroomt door in daden van barmhartigheid die in het verborgene gebeuren, daden die de wereld een klein beetje lichter maken. Dat is de manier waarop hij voortleeft. Dat is de manier waarop hij ons uitnodigt om ook aan de tafel van de Heer te gaan zitten, om niet vast te houden aan ons eigen verdriet, maar om ons open te stellen voor de gave van de ander.
Wat nemen we vandaag mee wanneer we dadelijk de deuren van deze kerk uitstappen? We hoeven het antwoord op al die grote 'waarom'-vragen vandaag niet te hebben. Het mysterie van het leven is groter dan ons kleine menselijke verstand kan omvatten. Maar we nemen wel iets anders mee: de zekerheid dat liefde sterker is dan de dood. Elke keer dat jullie in stilte een hand uitsteken naar iemand die het moeilijk heeft, elke keer dat jullie in Ben's naam een daad van goedheid verrichten, leeft hij voort. Jullie zijn niet alleen. Onze Lieve Vrouw, die zelf onder het kruis heeft gestaan en de bitterste leegte van een moeder heeft gekend, staat dichtbij jullie. Zij houdt jullie hand vast wanneer de tranen vallen. Laat haar moederlijke mantel je omringen. Vertrouw erop dat Benjamin geborgen is in het licht van Christus, waar geen pijn meer is, geen zucht en geen tranen, maar enkel eeuwig leven.
Ga vandaag naar huis met deze gedachte: Ben is niet weg. Hij is vooruitgegaan. Hij is de ster die schittert in de duisternis, en hij wacht op jullie, precies daar waar de vlucht eindigt en de eeuwige vrede begint. Blijf leven, blijf proberen, blijf beminnen. Want dat is wat Ben deed. En dat is wat God van ons vraagt. Amen.
For the intentions entrusted to Ben on our prayer wall:
At the Savior’s command and formed by divine teaching, we dare to say:
Onze Vader, die in de hemel zijt, uw naam worde geheiligd, uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren, en breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade. Amen.
Moge de Heer ons zegenen, ons behoeden voor alle kwaad en ons leiden naar het eeuwig leven. Gaat heen in vrede.
✝ Zegen u almachtige God: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.