In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen. Geliefde broeders en zusters, welkom bij deze viering van Woord en Gebed. Laten we ons openstellen voor Gods genade en leiding.
Heer, wees ons genadig. Christus, wees ons genadig. Heer, wees ons genadig.
Geliefde broeders en zusters,
In de stilte van deze ochtend, terwijl we samenkomen in de naam van de Heer, denk ik aan een moment uit de Schrift dat zo krachtig resoneert met de kern van ons geloof. Het is de passage waarin de apostel Paulus aan de Korintiërs schrijft. Hij zegt: ‘Ik kwam tot u, broeders en zusters, om u het mysterie van God te verkondigen, niet met hoogdravende woorden of wijsheid. Want ik nam mij voor niets anders te weten dan Jezus Christus, en Jezus Christus gekruisigd.’
‘Niet met hoogdravende woorden of wijsheid.’ Dat is een krachtig statement. Paulus, een man van immense intellectuele gaven, een man die de Griekse filosofie kende, een man die de Romeinse wereld begreep, zegt dat hij daar niet mee komt. Hij kiest ervoor om niets anders te weten dan Jezus Christus, en Hem gekruisigd.
En dit, geliefden, is de kern van waar we vandaag staan. Het is niet de wijsheid van deze wereld die ons redt. Het is niet de kracht van onze eigen argumenten of de verfijning van onze taal. Het is de eenvoudige, radicale waarheid van het kruis. Het is de liefde die zich volledig geeft.
We bevinden ons hier, niet toevallig, twee maanden na het heengaan van Benjamin Vo, jullie dierbare Ben. Twee maanden. Dat is een periode waarin de wereld om u heen misschien weer doorgaat, waarin de dagen hun gewone loop lijken te nemen. Maar voor u, Alan en Thao, en voor u, Ryan, is die stilte nog altijd oorverdovend. De lege stoel aan tafel, de afwezigheid van die unieke lach, de vragen die blijven hangen in de nacht… die dingen zijn niet verdwenen. Ze zijn een deel van uw realiteit geworden, een deel van uw kruis.
En het is in die pijn, in dat diepe, menselijke verlangen naar antwoorden, dat we vandaag naar de Schrift luisteren. Jezus komt in de synagoge van Nazareth, zijn geboorteplaats. Hij staat op, rolt de boekrol van de profeet Jesaja uit, en vindt de passage die Hij leest: ‘De Geest van de Heer rust op mij, omdat Hij mij gezalfd heeft om aan armen het goede nieuws te brengen. Hij heeft mij gezonden om aan gevangenen vrijlating te verkondigen en aan blinden het gezichtsvermogen, om aan verdrukten te zeggen: ‘Vrijheid en om een jaar van genade af te kondigen.’
En dan, na het oprollen van de rol, zegt Hij met een stem die de stilte van de synagoge vult: ‘Vandaag is dit schriftwoord vervuld in uw oren.’
Dit is het moment. Jezus kondigt aan dat Hij de vervulling is van de belofte van bevrijding, van heling, van hoop. En de mensen zijn verbaasd, verwonderd. Ze spreken vol bewondering over Hem.
Maar dan komt de wending. Ze vragen: ‘Is dit niet de zoon van Jozef?’ En Jezus, die hun gedachten leest, weet dat hun bewondering snel zal omslaan in scepsis. Hij zegt: ‘Zeker, u zult mij deze uitdrukking voorleggen: “Geneesheer, heel uzelf!” En u zult zeggen: “Alles wat wij hebben horen gebeuren in Kapernaüm, doe dat ook hier in uw geboortestreek.”’
En dan komt de harde waarheid, de waarheid die zo vaak pijn doet, de waarheid die ons confronteert met onze eigen menselijke neigingen. Jezus zegt: ‘Maar Ik zeg u: geen profeet wordt aanvaard in zijn eigen vaderland.’
Hij gaat verder, en noemt de voorbeelden van Elia en Elisa, die naar buitenlanders gingen om te helen en te redden, terwijl hun eigen volk in nood verkeerde. En de reactie van de mensen in de synagoge? Ze worden vervuld van woede. Ze drijven Hem de stad uit, met de bedoeling Hem van de berg te stoten.
Dit is de tragedie van het menselijk hart. De nabijheid van het wonder, de vervulling van de profetie, de belofte van bevrijding… en toch, de afwijzing. De woede. De poging om Hem te vernietigen die juist gekomen was om te redden.
En hier, geliefden, zien we een echo van wat er gebeurde met onze eigen geliefde Benjamin. Niet dat hij werd weggestuurd, maar dat zijn leven, zo vol van potentieel, zo vol van liefde, zo vol van die unieke schittering, zo vroeg werd afgenomen. Een leven dat, net als Jezus, zo veel goeds wilde doen, zo veel wilde delen.
Denk aan Benjamin. Hij was een jongen met een briljante geest, een ‘fotokopie’ van zijn vader in ambitie en intellect. Hij begreep de complexiteit van AI, van cloud-infrastructuur, van de logica die de moderne wereld draaiende houdt. Hij had de gave om te zien hoe dingen werkten, om ze te bouwen, om ze te verbeteren. Zijn handen, die de code schreven op GitHub, waren de handen van een schepper, van iemand die de wereld wilde vormgeven.
Maar nog meer dan zijn briljante geest, was er zijn hart. Een hart van goud. Een hart dat, zoals zijn ouders vertellen, zo diep kon liefhebben dat hij op twaalfjarige leeftijd huilde uit angst zijn vader te verliezen. Een hart dat, zonder dat iemand het hem vroeg, bereid was om zijn hele spaarpot aan te bieden om zijn oom William te helpen. Dat is geen menselijke wijsheid, geliefden. Dat is de wijsheid van het kruis. Dat is de liefde die zich weggeeft.
Paulus zegt: ‘Ik nam mij voor niets anders te weten dan Jezus Christus, en Jezus Christus gekruisigd.’ Dit is de kern. De wereld zoekt naar macht, naar succes, naar erkenning. De mensen in de synagoge wilden Jezus zien doen wat ze in Kapernaüm hadden gehoord. Ze wilden een show, een bewijs van zijn macht dat hun eigen leven zou verbeteren. Maar Jezus kwam niet om te imponeren. Hij kwam om te dienen. Hij kwam om te lijden. Hij kwam om te sterven.
En juist in die overgave, in die radicale liefde, ligt de ware kracht. De kracht die ons bevrijdt, die ons geneest, die ons hoop geeft.
Alan, Thao, Ryan… ik weet dat er momenten zijn dat u zich afvraagt: ‘Waarom? Waarom Ben? Waarom nu?’ U voelt de pijn van de afwijzing, niet van de mensen, maar van het leven zelf. De wereld heeft Ben afgewezen, niet door hem weg te sturen, maar door hem zo vroeg weg te nemen. En die pijn is reëel. Die pijn mag er zijn.
Maar luister naar de woorden van Jezus in het Evangelie. Hij ging weg uit Nazareth, niet omdat Hij faalde, maar omdat Zijn tijd elders was. Hij ging door. Hij bleef Zijn missie vervullen. En de kracht van Zijn kruis, de kracht van Zijn liefde, is sterker dan welke afwijzing dan ook.
Benjamin, met zijn ‘con chim airlines’ droom, met zijn liefde voor vliegtuigen, wilde de wereld zien, wilde de grenzen overschrijden. Hij wilde vliegen. En nu, geliefden, is hij werkelijk gevlogen. Hij is niet meer gebonden aan de beperkingen van zijn aardse lichaam. Hij is vrij. Vrij als een vogel, vrij als de wind.
Hij is nu in de hemel, aan het feestmaal van de Heer, waar hij, zoals zijn familie zo mooi omschrijft, nu samen is met de jonge Heilige Carlo Acutis. Twee jongens, twee briljante geesten, twee harten vol liefde, die nu bidden voor ons. Zij bidden voor de genezing van de zieken, voor de troost van de bedroefden, en voor de moed om te leven zoals zij leefden: met een scherp verstand en een zacht, onvoorwaardelijk hart.
En voor u, Alan en Thao, die de immense pijn van het verlies van een kind dragen. U heeft niets verkeerd gedaan. De ziekte die Ben trof, was geen straf. Het was een storm, een tragedie die buiten uw macht lag. God beschuldigt u niet. Hij ziet de liefde die u hem gaf, de zorg, de vreugde. U heeft hem de ruimte gegeven om te groeien, om te bloeien, om zijn unieke ‘con chim airlines’ droom na te jagen. Die liefde is het meest waardevolle geschenk dat u hem kon geven. En die liefde, geliefden, die blijft. Ze is sterker dan de dood.
En voor jou, Ryan, broer en beste vriend. Ben hield zielsveel van je. Hij deelde zijn dromen met je, zijn lach, zijn leven. Nu is hij een ster aan de hemel die over je waakt. Hij wil dat je leeft, dat je groeit, dat je de moed en de zachtheid die hij je leerde, meedraagt in je eigen leven. Hij is niet weg; hij is vooruitgegaan. En hij wacht op je, met diezelfde lach, met diezelfde giechel, aan de poorten van het hemelse koninkrijk.
Wat kunnen we vandaag meenemen uit deze woorden van Jezus, uit de echo van Ben’s leven?
Laten we niet zoeken naar ‘hoogdravende woorden of wijsheid’. Laten we zoeken naar het kruis. Laten we zoeken naar de liefde die zich weggeeft. Laten we, net als Ben, bereid zijn om onze eigen ‘spaarpot’ te delen, onze tijd, onze aandacht, onze vriendelijkheid, met de mensen om ons heen.
En laten we nooit vergeten wat Paulus zegt: ‘Ik nam mij voor niets anders te weten dan Jezus Christus, en Jezus Christus gekruisigd.’ In die eenvoud ligt de kracht die de wereld kan veranderen. In die liefde ligt de hoop die de grootste duisternis kan doorbreken.
Benjamin Đại Dương, jouw naam betekent ‘Grote Oceaan’. Jouw liefde blijft stromen, een bron van troost en inspiratie voor ons allemaal. Je bent nu vrij, je vliegt, je bent thuis. En we weten dat je waakt over ons, totdat we elkaar weerzien in de eeuwige vreugde van de Vader.
In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen.
For the intentions entrusted to Ben on our prayer wall:
At the Savior’s command and formed by divine teaching, we dare to say:
Onze Vader, die in de hemel zijt, uw naam worde geheiligd, uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren, en breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade. Amen.
Moge de Heer u zegenen en u behoeden. Moge Hij een glimlach op uw gezicht toveren en u vrede schenken. Amen.
✝ Zegen u almachtige God: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.